Spring naar inhoud

Treasuryplan 2024

Treasuryplan 2024

Financieringsbehoefte

Voor 2025-2029 heeft Woonpartners een totale financieringsbehoefte van per saldo € 352 miljoen (DAEB € 335 miljoen en niet-DAEB € 17 miljoen). In onderstaande tabel laten we zien wat we voor de komende jaren nodig hebben. De cijfers zijn gebaseerd op de begroting 2025.

Er zijn drie soorten kasstromen:

  • Een operationele kasstroom.
  • Een investeringskasstroom.
  • Een financieringskasstroom (extern en intern).

De kasstromen van 2025-2029 voor de DAEB-tak zien er als volgt uit:

DAEB-tak

(€ 1.000)
  2025 2026 2027 2028 2029 Totaal
Operationele kasstromen 11.297 14.287 13.294 16.210 13.136 68.224
Investeringskasstromen -55.613 -91.578 -80.774 -43.639 -45.752 -317.356
Financieringskasstromen extern -15.177 -15.891 -16.817 -24.843 -9.869 -82.597
Financieringskasstromen intern -4.091 1.000 - - - -3.091
Aan te trekken leningen 63.584 92.182 84.297 52.272 42.485 334.820
Totale kasstroom - - - - - -

Woonpartners heeft besloten om voor de aflossing van de interne lening weer terug te gaan naar het oorspronkelijk schema dat bij de administratieve scheiding is vastgesteld. In 2024-2025 rekent de DAEB-tak de RC-verhouding met de niet-DAEB-tak af. Eind 2024 bedraagt deze naar schatting nog € 4 miljoen. Om deze aflossing te kunnen financieren, wordt deze meegenomen in de DAEB uitgaven die door geborgde leningen wordt ingevuld.

De daadwerkelijk aan te trekken leningen worden afgestemd op de stand van de liquide middelen en de ruimte op de lening met variabele hoofdsom. In de aan te trekken leningen is ook de herfinanciering van bestaande leningen meegenomen.

Alleen van de operationele en financieringskasstroom kan met enige zekerheid bepaald worden wanneer deze plaatsvinden. Dit geldt niet voor de investeringskasstroom (aankopen, nieuwbouw en herstructurering minus de verkoopopbrengst). Activiteiten worden ingepland, maar door omstandigheden (weer, wetgeving, etc.) kan de werkelijkheid toch afwijken. In de kasstromen houden we rekening met de gemaakte plannen.

Woonpartners heeft twee leningen met een variabele hoofdsom aangetrokken van ieder maximaal € 7,5 miljoen. Deze leningen lopen door tot 2026 respectievelijk 2027.

De ene lening is wekelijks, de andere maandelijks op te nemen/af te lossen, hiermee is de flexibiliteit binnen de portefeuille gewaarborgd.

De kasstromen van 2025-2029 voor de niet-DAEB-tak zijn:

Niet-DAEB-tak

(x € 1.000)
  2025 2026 2027 2028 2029 Totaal
Operationele kasstromen 975 1.132 1.238 1.506 1.548 6.399
Investeringskasstromen -13.007 -7.963 -630 -122 -357 -22.079
Financieringskasstromen extern -187 -615 -979 -1.038 -1.079 -3.898
Financieringskasstromen intern 4.091 -1.000 - - - 3.091
Aan te trekken leningen 8.128 8.446 371 - - 16.945
Totale kasstroom - - - 346 112 -

Woonpartners heeft in het portefeuilleplan de ambitie uitgesproken om de niet-DAEB portefeuille uit te breiden. Hiervoor worden concreet nu twee projecten gerealiseerd. Dit zijn Winkelplein West in de Weverspoort (15 appartementen) en De Waart Zuidrand (67 appartementen). Deze plannen kunnen niet (geheel) uit de huidige middelen en toekomstige operationele kasstromen van de niet-DAEB-tak gefinancierd worden. Woonpartners moet de overige middelen via commerciële financiering aantrekken. Dit gaat vanaf 2025 spelen. Door de aflossing van de RC-verhouding door de DAEB-tak in 2024 heeft de niet-DAEB-tak genoeg middelen om de eerste investeringsbedragen uit eigen middelen te voldoen. Het financieringstraject is inmiddels opgestart.

Het proces van de niet-DAEB financieringen steekt anders in elkaar dan het aantrekken van WSW geborgde leningen. Woonpartners heeft daarom een plan van aanpak opgesteld zodat we dit op een gestructureerde wijze kunnen uitwerken. Medio 2024 heeft Woonpartners oriënterende gesprekken gevoerd met financiers. Deze hebben daarop een offerte uitgebracht. Uiteindelijk moet dit eind 2024 leiden tot het afsluiten van een leningsovereenkomst voor niet-DAEB financiering. Woonpartners heeft in 2022 een aantal opties bekeken om de financiering van de niet-DAEB te optimaliseren. Zo wordt de aflossing van de interne lening over een langere periode gespreid en zal het vastgoed kadastraal gesplitst worden zodat dit ingezet kan worden als onderpand.

Het onderpand speelt een belangrijke rol, de banken willen hierop hypotheek vestigen. Hiervoor moet het onderpand getaxeerd worden.

Structurele overschotten in de niet-DAEB-tak kunnen als dividenduitkering overgeboekt worden naar de DAEB-tak.

Renterisico

Het renterisico is het bedrag waarover de rente jaarlijks herzien wordt. In het Treasurystatuut heeft Woonpartners de volgende limieten opgenomen:

  • Per jaar mag het renterisico maximaal 15% bedragen.
  • Het streven is om over een periode van 5 aaneengesloten jaren het totale renterisico niet meer dan 30% te laten bedragen.

Woonpartners voldoet aan het eerste criterium. Voor de periode van 2025-2029 heeft 32% van de leningenportefeuille een renteaanpassing of eindaflossing. De lening met variabele hoofdsom is daarbij voor de helft meegenomen. Woonpartners voldoet dus niet aan het tweede criterium. Dit betreft een streven, in de Treasurycommissie bekijken we of we hierop actie willen ondernemen. Dit kan bijvoorbeeld door al voortijdig een herfinanciering aan te trekken.

Naast dit risico op de bestaande leningenportefeuille loopt Woonpartners ook een renterisico voor de aanvullende leningen die aangetrokken moeten worden om geplande investeringen te financieren.

Bron: SG Treasury (renterisico bestaande portefeuille)

In 2035 heeft het renterisico betrekking op een renteherziening op de basisrente lening groot: € 9.000.000. Dit betreft enkel de opslag op deze lening. De basisrente staat vast tot het einde van de looptijd (2061).

(Her)financieringsrisico

In het Treasurystatuut is opgenomen dat Woonpartners streeft naar een herfinanciering van minimaal 5% van de bestaande leningenportefeuille in een periode van 2 jaren. Over 2025 en 2026 vindt er voor 16% van de leningenportefeuille een herfinanciering plaats. Daarmee voldoen we aan dit criterium.

Wijze van financiering

De DAEB-tak kan door het WSW geborgde leningen aantrekken. De niet-DAEB-tak heeft bij de administratieve scheiding een interne lening van de DAEB-tak gekregen. Buiten deze interne lening kan er ongeborgde financiering aangetrokken worden. Om voor borging door het WSW in aanmerking te komen moet Woonpartners voldoen aan de eisen die het WSW stelt.

Het WSW geeft op basis van de aangeleverde informatie (dPi) een borgingsplafond af. Woonpartners kan tot dit bedrag leningen aantrekken. Het borgingsplafond wordt jaarlijks door het WSW berekend op basis van de prognosecijfers. Eventuele planwijzigingen moeten tijdig met het WSW gecommuniceerd worden zodat het borgingsplafond eventueel kan worden bijgesteld. De door de Aw/ WSW opgestelde kengetallen worden door Woonpartners gemonitord en we constateren dat we hieraan voldoen.

Stand liquide middelen

Woonpartners is de afgelopen jaren bezig geweest om het aantal verbindingen af te bouwen. In 2023 heeft er een fusie van drie verbindingen met de stichting plaatsgevonden. Op dit moment is de Wijkontwikkelingsmaatschappij Helmond Binnenstad BV nog de enige 100% dochtermaatschappij. 

Vaststelling en goedkeuring

Om daadkrachtig in te kunnen spelen op gebeurtenissen is een korte doorlooptijd noodzakelijk. Volgens afspraak maken de meerjarenbegroting en het treasury jaarplan onderdeel uit van het begrotingsproces en worden gelijktijdig met de begroting vastgesteld en goedgekeurd. Na goedkeuring hiervan kan de bestuurder na advies van de treasury commissie de nodige actie nemen zoals het aangaan van leningen, inzetten van complexen voor borging en onderpand (hypothecaire zekerheid), beleggen van middelen en nemen van maatregelen om renterisico’s te beperken. Op basis van de prognoses is er per saldo een financieringsbehoefte voor de DAEB-tak van € 156 miljoen en € 17 miljoen voor de niet-DAEB-tak in 2025 en 2026. Omdat de niet-DAEB financiering anders loopt dan de DAEB-financiering vragen we voor de totale stichtingskosten van € 27 miljoen voor deze niet-DAEB projecten mandaat. Dit alles gebeurt binnen het kader van het treasurystatuut en wettelijke kaders. Uiteraard zal er ook rekening gehouden worden met de vervalkalender, zodat deze optimaal blijft. Het Treasurystatuut is in 2021 geactualiseerd zodat deze in lijn is met de Woningwet. De bepalingen met betrekking tot derivaten en beleggingen zijn vastgelegd in het Financieel Reglement dat Woonpartners heeft opgesteld.